Intuïtief Leven

ECIW werkboekles 8 – David Hoffmeister

Mijn denkgeest is voortdurend bezig met voorbije gedachten

Een cursus in wonderen werkboek lessen met toelichting van David Hoffmeister

Vandaag is de focus gericht op het idee dat de reden dat ik alleen het verleden waarneem, de reden dat ik verslaafd ben aan het verleden, de reden dat ik opgesloten zit in onwerkelijkheid, of vastzit in dromen, komt door het geloof dat de gedachten die ik denk dat ik denk echte gedachten zijn.

Maar in werkelijkheid constateer ik dat de stroom van gedachten die zich door het bewustzijn beweegt, eigenlijk alleen maar denken aan het verleden en denken aan de toekomst is. Dus het is het denken over het verleden en de toekomst wat me bezig houdt. Het is het verleden-toekomst-denken dat de verslaving is. En dat is wat we vandaag moeten beseffen, om onze aandacht af te leiden van de beelden van de wereld en tot een bekentenis te komen: ah, ik heb een gedachten probleem dat zich hier afspeelt.

Het kan verleidelijk zijn om te denken over mensen en dingen, emoties en situaties, maar dat zijn allemaal slechts projecties van de gedachten die door het bewustzijn gaan. Het heeft dus geen zin om zo gefocust te blijven op effecten, als ons wordt verteld dat deze dwaze gedachten over het verleden en de toekomst de wereld van beelden die er lijkt te zijn, veroorzaken of projecteren. Ons wordt verteld dat de enige gedachte, de enige ware gedachte, die men over het verleden kan hebben is dat het er niet is. En daarmee zeggen we dat de enige ware gedachte die we over de wereld kunnen hebben, is dat hij er niet is.

En je begrijpt dat dit je denkgeest in een zeer behulpzame richting zet om aandacht te besteden aan de gedachten die je denkt te denken, vanuit een herinnering, vanuit een context van: ze zijn niet de werkelijkheid — het verleden is er niet meer. Het toekomst-verleden is ook een verbeelding, en is weg. We worden door de Heilige Geest overtuigd dat wat nog komt al voorbij is — en bedenk hoe dat je blik zou veranderen, bedenk hoe dat je inspanningen zou veranderen: als je een glimp zou opvangen van een ervaring van dat wat nog komt al verleden tijd is, en dat het verleden voorbij is. Je krijgt misschien een idee hoe dit zich verhoudt tot gemoedsrust, want waarom zou je toekomstige doelen behouden als je een besef had dat de toekomst al voorbij was. Je zou beginnen te zien hoe belachelijk en dom toekomstige doelen zijn, hoe belachelijk ambitie is: altijd egoïstisch, altijd betrekking hebbend op een persoonlijk zelf en haalbare, zogenaamd toekomstige, doelen die de dingen veel beter zullen maken. Het ego wil dat je vasthoudt aan deze gedachten over verleden en toekomst, want dat is de enige manier waarop het ego in stand kan worden gehouden: een illusie van een zelf in de tijd kan alleen worden bestendigd als je de denkgeest blijft richten op de toekomst die er niet is en op het verleden dat weg is.


In onze tekstlezing (T2.II) van vandaag hebben we geleerd dat de Verzoening de correctie is, het is de enige zogenaamde verdediging, zullen we zeggen, die werkt, die niet destructief kan worden gebruikt, het is geen tweesnijdend zwaard, het is het enige dat zal werken. Het is de poort naar de eeuwigheid. En zolang de slapende geest in de tijd gelooft, is de Verzoening, de correctie van dit foutieve geloof in tijd, echt het enige dat je denkgeest waardig is. Je zou elke dag wakker kunnen worden met dat ene woord in je gedachten: Verzoening. Niet toekomstige doelen, niet wat ik vandaag zal doen, niet denken aan wat er gisteravond is gebeurd of wat er vorige week is gebeurd – dat zijn altijd dezelfde varianten van het verleden-toekomstdenken die de denkgeest weghouden van vreugde, van waarachtig geluk en vrede.

Dus de focus ligt op Verzoening of correctie. Dat kan een mantra zijn als je een mantra wilt: laat me de correctie aanvaarden voor het geloof in tijd en ruimte, het geloof dat ik me heb afgescheiden van mijn Bron, van mijn Schepper; laat me de correctie aanvaarden. En de les van vandaag, ‘Mijn denkgeest is voortdurend bezig met voorbije gedachten’, is gewoon weer een herinnering aan oorzakelijkheid: dat het de gedachten zijn die het bewustzijn doorkruisen, het zijn de gedachten waarvan ik denk dat ik ze werkelijk denk die de wereld veroorzaken die ik lijk te zien. En wanneer ik de onmogelijkheid van deze gedachten zie, zie ik de onmogelijkheid om zo’n wereld te maken. We kunnen niet stoppen door alleen maar te denken dat we de wereld veroorzaken, maar we moeten het toegeven, we moeten tot een moment komen van sterke, heldere, onbeschermde erkenning van deze opzet voordat we kunnen lachen en het loslaten, en volledig in onze heiligheid komen, die zich nooit bezig zou kunnen houden met zo’n dwaze verbeelding, zo’n onnozelheid.

Sluit je daarom vandaag bij mij aan, sluit je aan bij het accepteren van de erkenning die de denkgeest zal gaan bevrijden; en wat is die erkenning?


Mijn denkgeest is voortdurend bezig met voorbije gedachten.

Beluister hier David’s lezing en toelichting in het Engels

←  Les 7  

Les 9  →  

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *